07 - 06 - 2019

'Zij zette chemie op de kaart''

 

 

Tekst: Igor Znidarsic

 

Betrokkenen over belang Colette Alma voor de chemische industrie

 

Wat heeft Colette Alma, van september 2004 tot mei 2019 directeur van de VNCI, betekend voor de (Nederlandse) chemische industrie? Die vraag kregen tien personen uit politiek, bedrijfsleven, wetenschap en milieubeweging voorgelegd. Zij hebben allemaal een korte of langere periode met haar samengewerkt.

 

 

 

Jacqueline Cramer
HOOGLERAAR MILIEUKUNDE EN -MANAGEMENT (1990-1999)
ZELFSTANDIG ADVISEUR NIDO (1999-2004)
MINISTER VROM (2007-2010)

“Ik heb met Colette in 2000 het NIDO (Nationaal Initiatief Duurzame Ontwikkeling) opgezet, een door de overheid gefinancierd programma om ervaring op te doen met systeemverandering in duurzaamheid. Zij was directeur, ik zette het programma voor maatschappelijk ondernemen met het bedrijfsleven op. Ik heb daarin heel plezierig met Colette samengewerkt. Dat was nog voor de tijd dat veel mensen met energie en grondstoffentransitie bezig waren. Die bagage nam Colette mee naar de VNCI en kon de chemie zo meenemen op de weg naar duurzaamheid. Transitiemanagement begon toen ook te leven bij overheid en bedrijfsleven, al zat zij bij de VNCI in een heel ander spanningsveld, met een voorhoede en een peloton, maar ook met defensieve achterblijvers. Zij heeft daarna de Regiegroep Chemie opgericht, die de ambitie had om een sleutelrol te vervullen bij het vergroten van de welvaart en het inrichten van een duurzame samenleving. En ze heeft initiatieven genomen die zijn uitgemond in de Routekaart Chemie. Colette is iemand die heel duidelijk is in wat ze vindt en dat met argumenten kan staven. Dat is prettig, ook al ben je het niet altijd met elkaar eens. De vertrouwensband die ik met haar had opgebouwd bij het NIDO is ook daarna gebleven. Dat was fijn. Later kregen we met elkaar te maken tijdens mijn ministerschap van VROM. Ik ging, na een kabinet dat had ingezet op fossiel, een klimaatprogramma opzetten, in samenwerking met alle relevante partijen. Ik kan me de MJA3 nog goed herinneren, dat was best een struggle. In de onderhandelingen kwam Colette op voor het peloton en niet zozeer voor de achterblijvers. Haar doel was vooral de middenmoot meekrijgen. Ze begreep het gedachtegoed waar we mee bezig waren uitermate goed en zag dat er lange-termijnafspraken nodig waren. Die kwamen er ook. Na het kabinet-Balkenende IV, waar ik in zat, kwam er in Rutte I met gedoogsteun van de PVV helaas weer een rem op die ingezette duurzame weg.”

 

‘Ik heb heel  plezierig met haar samengewerkt’

 

Rein Willems
DIRECTEUR SHELL NEDERLAND (2003-2007)
VOORZITTER VNCI (2004-2007)

“Ik zat in het VNCI-bestuur toen Colette solliciteerde en heb enthousiast meegewerkt aan haar benoeming. Zij had een gedegen chemische achtergrond en een goede kennis van de chemiesector. Misschien wat minder ervaring in het bedrijfsleven, maar ze kwam uit een goede stal, als je begrijpt wat ik bedoel. En bij het NIDO had ik als bestuurslid geconstateerd dat zij uitstekend geschikt was voor die baan. Zij heeft op meer dan voortreffelijke wijze ervoor gezorgd dat de VNCI de chemische industrie op de kaart heeft gezet, ook in Den Haag. Met alle issues die speelden was ze een goede gesprekspartner, en dat merkte ik, meer op afstand, ook toen ik van 2007 tot 2011 Eerste Kamerlid was. Ook heb ik haar als voorzitter van de Topsector Chemie meegemaakt in haar ondersteunende rol in het topsectorenbeleid, die ze op meer dan voortreffelijke wijze vervulde.

Verder heeft ze een sterke rol gespeeld in het Energieakkoord, waarbij de druk vanuit de samenleving op de sector werd vertaald in een constructieve en positieve bijdrage. Natuurlijk blijven er altijd criticasters, maar over het algemeen geldt de chemie in Nederland als een sector van belang. Dat is misschien wel een van haar grootste bijdragen. En vergeet ook de discussie rond veiligheid niet, vooral na Chemie-Pack. Daar is zij heel goed, bijna klinisch, mee omgegaan: erkennen dat er in de sector fouten worden gemaakt, ondanks dat Chemie-Pack geen VNCI-lid was, en de betreffende branches wijzen op hun verantwoordelijkheid om hun huis op orde te krijgen. Het heeft geresulteerd in Veiligheid Voorop. Het siert Colette dat ze altijd heel efficiënt en zakelijk was. Tegelijkertijd wist ze met haar charme ook tot een harde discussie te komen indien nodig. Zij was een stevige discussiepartner, wat ik tijdens mijn VNCI-voorzitterschap als zeer plezierig heb ervaren, want een sterke directeur betekent minder werk voor de voorzitter. En ze wás een sterke directeur. Ze heeft helaas de pensioengerechtigde leeftijd bereikt, anders zou ik zeggen: blijf nog een paar jaar.”

 

‘Ze was  een sterke directeur’

 

Tjerk Wagenaar
DIRECTEUR NATUUR & MILIEU  (2010-2017)

“Zij is zeer deskundig. Ze weet waar het over gaat, kent alle details. En ze is integer. Dat is prettig, want je maakt ook anders mee. Ik kwam bij Natuur & Milieu om het bedrijfsleven te verleiden om te bouwen aan een duurzame wereld in plaats van het bedrijfsleven als een bedreiging te zien. Ik vond bij haar altijd een open mind. En dat is belangrijk in deze polder. Ze was heel benaderbaar. Maar wat ik ook gemerkt heb is dat ze, in ieder geval in woorden en als persoon, graag de verandering richting duurzaamheid wilde vormgeven, maar daar nauwelijks de ruimte voor kreeg. En ook de reacties, bijvoorbeeld op bepaalde incidenten, waren vaak verdedigend. Of er kwam een fantastisch plan over de chemie van de toekomst, en dan vroeg je later wat ermee gebeurd was, bleek het alleen maar op papier te zijn. Wat dat betreft had ik ..., hoe zal ik het zeggen ..., een beetje te doen met haar worstelingen. Ik moet bij haar, en bij de chemische industrie, denken aan het door Pieter Winsemius geïntroduceerde begrip ‘meestribbelen’. In onderhandelingen heb je mensen die ‘ja’ zeggen of ‘nee, dit zijn mijn condities om mee te doen’. Maar er zijn ook mensen die wel willen meedoen, maar eigenlijk niet kunnen. Je voelt dat de partij waar je mee aan tafel zit best wel wil, maar ook dat het eigenlijk niet kan. Wat overigens absoluut niet wil zeggen dat Colette niets bereikt heeft. Integendeel. Bij het opstellen van het Energieakkoord heeft zij ervoor gezorgd dat de band tussen chemie, ministerie van EZ, milieubeweging en ook een aantal politieke partijen aan de linkerflank van de grond kwam. En inhoudelijk, in het Energieakkoord zelf, stond zwart-op wit dat de chemische industrie in actie moest komen. Zij heeft de chemie toch in stapjes mee kunnen krijgen en kunnen doordringen van de kansen om met concrete plannen te komen. Het was al met al een persoonlijk genoegen om met haar te hebben mogen optrekken.”

 

‘Zeer deskundig en benaderbaar, en ook te weinig ruimte’

 

 

Marco Mensink
DIRECTEUR-GENERAAL CEFIC (2015-NU)

“Colette is bijzonder prettig in de omgang, is altijd behulpzaam en kent haar dossiers van binnen en van buiten. Daarmee is zij altijd een baken geweest in de discussies, zowel binnen de Cefic National Associations Board, de groep van grotere Europese chemie-associaties, als binnen het Product Stewardship-programma van Cefic. Colette is binnen de National Associations Board en AFEM, de groep van 31 Europese nationale associaties, een van de leidende figuren geweest. En dat geldt ook voor Product Stewardship, waarvan zij de dossierhouder was. Op alle nano-, endo- en micro-dossiers is zij de centrale vraagbaak voor de associaties geweest. Door haar konden er coalities worden gevormd, konden problemen uit de weg worden geruimd en konden allerlei  gezamenlijke standpunten worden opgesteld, met name op het stoffendossier. Veel associaties bouwden en vertrouwden op haar, bijna blindelings.

Verder heeft zij een belangrijke rol gespeeld in de REACH-implementatie, en in het in goede banen leiden van de stoffendossiers, zoals endocrine disruptors. Wat ook niet onderschat moet worden is haar bijdrage aan de pro-activiteit van de industrie op het gebied van klimaat. Ik zou haar omschrijven als ‘een vriendin binnen de chemie’. Ik kan haar altijd bellen, ze is altijd positief, en iemand waar je absoluut op kan bouwen. Dergelijke banen doe je omdat je passie erin zit en Colette heeft een enorme passie. Ik hou van mensen die van hun werk houden. Ik vind het echt jammer dat ze weggaat.”

 

‘Een baken  voor andere associaties’

 

Floris Rutjes
HOOGLERAAR SYNTHETIC ORGANIC CHEMISTRY RADBOUD UNIVERSITEIT (1999-NU)
VOORZITTER KNCV (2016-NU)

”Ik heb Colette leren kennen toen we allebei in de Regiegroep Chemie zaten, zij namens de VNCI, ik namens de wetenschap. Verder zijn we ooit met een delegatie een aantal dagen naar Zuid-Korea geweest om een Koreaans chemiebedrijf ertoe te bewegen zich in Nederland te vestigen. De laatste 3 jaar hebben we met elkaar te maken gehad door mijn voorzitterschap van de KNCV. Wat zij betekend heeft voor de chemie is dat zij altijd heel duidelijk het standpunt van de chemische industrie heeft verwoord, op een constructieve manier, en daarbij ook streed voor het imago van de chemie. Kenmerkend voor haar is dat zij dingen op zo’n manier weet te benoemen, met een goede onderbouwing, dat je er niet omheen kunt en je er dus iets mee moet. Op die manier heeft ze veel voor elkaar gekregen. In de omgang houdt ze altijd wat afstand, op een positieve manier, maar ze is tegelijkertijd ook hartelijk en warm.”

 

‘Veel voor elkaar gekregen’

 

 

Utz Tillman
DIRECTEUR VCI, VERBAND DER CHEMISCHEN INDUSTRIE (2008-NU)

“Ik heb met Colette onder meer te maken gehad in de National Associations Board en AFEM van Cefic en in ‘7+7’, waarin de chemie-branchever-enigingen en de overheden van de zeven grootste chemielanden van Europa bij elkaar komen. Zij is een goede netwerker. Dat is iets wat ik van haar heb geleerd. En luisteren, dat kan zij ook goed. Alleen als je luistert en probeert je in de ander te verplaatsen kun je zijn positie begrijpen, en begrijpen waarom hij op een bepaalde manier denkt. Daarnaast is Colette iemand die mensen motiveert en ze aanzet to actie. Met die instelling heeft zij het voor elkaar gekregen dat we tot goede oplossingen zijn gekomen in de diverse discussies. Dat ze chemie heeft gestudeerd helpt daarbij, vooral bij Product Stewardship. Dat is een zeer complex issue, met veel links naar andere thema’s. Het helpt als je het wetenschappelijke aspect erachter begrijpt. Ze is heel deskundig. Als ze het woord nam was het altijd duidelijk wat ze wilde zeggen. Ze zal door mij herinnerd worden als zeer betrokken en toegewijd, en zeer positief, met de intentie om bruggen te bouwen en oplossingen te vinden.”

 

‘Zij kan goed luisteren’ 

 

Willem Lageweg
MEDEOPRICHTER EN DIRECTEUR-BESTUURDER MVO NEDERLAND (2006-2016)
LID BESTUUR ADVIES COMMISSIE (BAC) VAN DE VNCI (2007-2016)

”Een van de verdiensten van Colette is dat ze met de Bestuur Advies Commissie de buitenwereld heeft binnengehaald. Ze nodigde kritische geesten uit en gaf hun de ruimte om vanuit het eigen perspectief de discussie met de sector aan te gaan over strategische vraagstukken. Ik heb zelf een aantal jaren in deze externe adviesraad gezeten en ik herinner me dat Colette zeer goed in staat was om zo’n vergadering te voeden en de relevante vraagstukken op tafel te leggen. Een van de thema’s die zij heeft geagendeerd was veiligheid. Er waren in die periode nogal wat veiligheidsincidenten. Hier is heel indringend over gedebatteerd, omdat de heersende cultuur in de chemie toen nog sterk gericht was op protocollen en procedures, terwijl je veel meer moet doen aan leiderschap, gedrag, cultuur, eigen verantwoordelijkheid. Dit inzicht is mede door de adviesraad gevoed. 

Een ander thema was duurzaamheid. Dat kun je benaderen vanuit de technische kant en focussen op zaken als minder afval, CO2-reductie en recycling, waartoe de industrie geneigd is. Maar er is nog een 
andere kant van duurzaamheid, de gedragskant, waar het gaat om persoonlijke verantwoordelijkheid, er een prioriteit van maken, je er echt voor inzetten. Ook hier hebben we indringend over gesproken. Ik heb het erg gewaardeerd dat Colette ook deze meer sociale kant van duurzaamheid opzocht, die voor de sector vaak toch wat tegennatuurlijk is. Daarmee heeft zij de chemische industrie in agenderende zin zeker de goede kant op geduwd.”

 

‘Ze nodigde kritische geesten uit’

 

Cees Oudshoorn
ALGEMEEN DIRECTEUR VNO-NCW (2016-NU)

”Colette heeft een grote rol gespeeld in de totstandkoming van diverse convenanten, zoals Veiligheid Voorop en het MJA-convenant, en het Energieakkoord en nu het klimaatakkoord. Zij heeft veel kennis van de chemische industrie, weet goed de gevolgen van maatregelen voor de grote diversiteit aan chemiebedrijven te duiden, en ze heeft tegelijkertijd gevoel voor de politieke kant van het verhaal. Als overheden en maatschappelijke organisaties de chemische industrie bijvoorbeeld vragen om te verduurzamen, weet zij die brug te slaan. Het zijn geen ideologische verhalen die je van haar hoort, maar meer: hoe zit het en hoe gaan bepaalde maatregelen uitwerken.

Ook weet ze dat sommige maatregelen volstrekt tegenstrijdig zijn aan het beoogde doel. Daarbij baseert zij zich altijd op een sterke inhoudelijke kennis, die zij goed weet over te brengen, naar overheden, ngo’s en andere partijen, ook VNO-NCW. In elke sector wordt een jargon gesproken, ook in de chemie. Voor de buitenwereld heb je daarom een tolk nodig, en Colette was dat. Ik heb haar vooral de laatste tijd meegemaakt in het kader van het klimaatakkoord, en eerder bij het Energieakkoord. Daarnaast zat zij in het algemeen bestuur van VNO-NCW. Zij is heel feitelijk, met veel kennis van de praktijk. Mensen luisteren naar haar, niet omdat ze een bepaalde machtspositie heeft, maar omdat ze weten dat wat zij zegt klopt. Zo onderhandelt ze ook. Zij is geen gewiekste of getruukte onderhandelaar, nee, zij vertelt precies hoe de zaken in de industrie worden beleefd en wat de daadwerkelijke consequenties zijn van maatregel X of Y. Daarmee heeft ze gezag, inhoudelijk gezag.”

 

‘Ze heeft inhoudelijk gezag'

 

Bert Weckhuysen
TOPSECTOR CHEMIE (2011-NU)
HOOGLERAAR ANORGANISCHE CHEMIE EN KATALYSE UU (2000-NU)

“Ik heb met Colette vooral geïnteracteerd in het Topteam van de Topsector Chemie, waarin ik het boegbeeld ben namens de wetenschap. Colette heeft aan het begin gestaan van de Regiegroep Chemie, de voorloper van de Topsector Chemie. Zij heeft er mede aan bijgedragen dat de chemie destijds werd erkend als een topsector. Als topsector heb je direct toegang tot besluitvorming en heb je het privilege om publiek-private samenwerkingen te stimuleren met overheidsmiddelen en om innovatiecontracten op te stellen. Zo’n innovatiecontract vormt het kader waarbinnen de Topsector Chemie chemische innovatie en ontwikkeling stimuleert en ondersteunt met kennis, net-werk en middelen. Dit is heel belangrijk geweest voor de innovatie-ontwikkeling. 

Colette heeft de gouden driehoek van industrie, overheid en wetenschap, die in de Topsector samenkomen, altijd als essentieel beschouwd. Zij was er in eerste instantie natuurlijk voor de industrie, maar had ook respect voor de andere twee. Het ging haar altijd om het hele ecosysteem, inclusief de wetenschap. Dat heeft ze altijd ook tot uiting laten komen wanneer we met elkaar interacteerden. Overigens zat ze 
niet altijd in een makkelijke positie, want de VNCI kent allerlei bloedgroepen, waardoor je altijd een compromis-rol moet spelen. Het valt niet mee om in zo’n complexe organisatie met heel veel beslissingen – momenteel rond het klimaat, maar daarvoor waren het andere zaken – voor continuïteit te zorgen. Door haar betrokkenheid lukte dat, en dat is een pluim waard. Ik zou haar omschrijven als een betrokken persoonlijkheid. En doortastend, maar wel altijd met een glimlach en met respect. Als ik met haar praatte stelde ze altijd ook een of twee persoonlijkere vragen, die te maken hadden met wie je bent. Het was niet alleen maar zaken doen.”

 

‘Het was niet alleen maar zaken doen’

 

Bertholt Leeftink
DIRECTEUR-GENERAAL BEDRIJFSLEVEN EN INNOVATIE, MINISTERIE VAN EZ(K) (2011-2018)

“Ik heb met Colette vooral te maken gehad binnen de Topsector Chemie en in het kader van het industrie-onderdeel van het klimaatakkoord. Zij is een betrokken persoon, met veel kennis van de chemische industrie, maar ook met goed zicht op de brede politiek-maatschappelijke discussie. De contacten verliepen altijd heel prettig en aangenaam, zonder geheime agenda’s en spelletjes. Zij is zeer deskundig en toegankelijk en benaderbaar, en zat altijd zeer constructief in de wedstrijd. In de discussies diende zij natuurlijk een bepaald belang, zij behartigde de belangen van de chemische industrie en onderbouwde de standpunten van daaruit, maar zij deed dat bepaald niet met oogkleppen op en had altijd een open oog en oor voor de bredere maatschappelijke en politieke belangen. Een heel prettige belangenbehartiger, kortom. Wat zij betekend heeft voor de chemische industrie? Zij heeft hard gewerkt aan de brug-functie tussen het bedrijfsleven en politiek Den Haag en is heel belangrijk geweest voor het verstevigen en verbeteren van de relatie tussen aan de ene kant de chemische industrie en aan de andere kant de overheid, in het bijzonder Economische Zaken.”

 

‘Belangrijk geweest voor brug tussen industrie en overheid’

 


Lees meer over dit onderwerp via de tag(s):
Colette Alma
Chemie Magazine