Werken in de chemie met Roelant Rosman

Aan welke consumentenproducten lever jij een bijdrage?

In Dordrecht maken wij de polymeerkorrel Delrin, de grondstof voor onder meer de rode knop van je autogordel, de tandwieltjes in je elektrische tandenborstel, of voor het klikmechanisme in een BIC-pen. Delrin wordt ook verwerkt in medische toepassingen. Het is heel sterk en lichter dan metaal.

Als Health, Safety, Environment & Quality Manager is mijn rol heel breed. Zo willen we eindproducten maken die voldoen aan de hoogste standaarden en specificaties van de klant. Op milieuvlak schrijf ik samen met een collega documenten voor onze vergunningsaanvragen voor emissies naar lucht, water en bodem. Voor gezondheid heeft DuPont als beleid dat medewerkers veilig tot hun pensioen moeten kunnen werken. Met mijn team denk ik na hoe we hen kunnen beschermen. De oplossingen daarvoor variëren van preventief medisch onderzoek tot aanpassingen aan de installaties. En voor veiligheid wil ik ervoor zorgen dat elk incident voorkomen wordt. Maar, als er dan toch wat gebeurt, moeten we dat ook heel goed onderzoeken en maatregelen treffen om herhaling te voorkomen.

Wat vertel jij je kinderen als zij vragen wat voor werk je doet?

Samen met een groep specialisten zorg ik ervoor dat ons bedrijf veilig kan produceren. Dat zijn bijvoorbeeld mensen van de brandweer en medici. Daarvoor moet ik elke dag goed om me heen kijken. Zijn er dingen anders dan standaard? Kunnen er zaken veiliger? Welke gebeurtenissen zijn van invloed op het milieu of de medewerkers? Maar, wat ik ook uitleg: tussen zeggen en doen zit een groot verschil, dus de overheid komt regelmatig bij ons op visite om te kijken of we ons aan de afspraken houden.

Hoe ben je in deze baan terechtgekomen?

Ik was altijd al een bèta. Is het logisch, dan onthoud ik het wel. Ik speelde met Lego of trok het ventiel uit mijn fiets om te kijken hoe het eruit ziet. En omdat ik opgroeide in Hoogvliet, zag ik als klein jongetje altijd het Botlekgebied in de verte. Daar werken, dat leek me wel wat.

In Delft deed ik analytische chemie op het Hoger Laboratorium Onderwijs. Als afstudeeropdracht ontwikkelde ik een analyse voor de partydrug GHB bij het Nederlands Forensisch Instituut. Dat vond ik machtig, maar ik vroeg mezelf ook af: wat als ik tien jaar op een lab dit werk moet doen? Het onderzoeken vind ik leuk, maar als de methode er is, wil ik weer verder.

Ik heb daarom maar kort op het lab gewerkt. Ik wilde graag met mensen werken, iets met mijn kennis doen én heel veel dingen zien. Nou, dan is het advieswerk geweldig. Na de opleiding tot Kwaliteit, Arbo en Milieu-coördinator werkte ik tien jaar als KAM-adviseur. In die periode zag ik heel veel bedrijven, van de bakker om de hoek met een stofallergie tot chemiebedrijven die hun stoffen veilig wilden opslaan. Ik merkte dat ik de chemie het leukst vond om in te werken en ging naar Sachem.

Tien jaar later stond ik op een kruispunt voor wat ik de komende tien jaar wilde doen. Van een collega hoorde ik goede verhalen over DuPont, en een oom en tante van mij werkten daar ook. Het bedrijf lijkt ook wel op Sachem, alleen is het hier twee à drie keer zo groot. Ook hoorde ik dat ze hier stappen wilden maken voor gezondheid, kwaliteit en veiligheid.

Wat zou je je jongere zelf nu adviseren?

Ik werk met veel internationale mensen. Als ik in vergaderingen hoor hoe makkelijk sommige collega’s switchen van het Nederlands naar het Engels en het Duits, denk ik: dat had ik ook graag gewild. Wat ik spreek noemen ze steenkolenengels. Ik kan me verstaanbaar maken, maar ik ben niet in mijn comfort zone. Gelukkig heb ik collega’s die me daarbij helpen.

Goed Engels, Duits of Frans spreken is dus een meerwaarde. Dat geef ik ook mee aan mijn zoon, die op het gymnasium zit en een bèta is: blijf je best doen bij talen.

 

"Samen met een groep specialisten zorg ik ervoor dat ons bedrijf veilig kan produceren"


Wat levert je werk je op?

DuPont is een heel goede werkgever en ik heb echt niks te klagen. Maar ik vind het veel belangrijker dat als ik over dertig jaar terugkijk, ik ook echt iets bereikt heb. Dat we Delrin op een nog duurzamere manier produceren, dat ik meewerk aan het verminderen van emissies naar lucht en water, en dat de gezondheid van mijn collega’s bovenaan onze strategie staat.

Ik hou ook van de sociale kant. Door corona kunnen we geen teamuitjes doen, dus ik zorg ervoor dat we thuis vanachter de laptop een teamborrel kunnen doen. En ik krijg een warm gevoel als mijn collega’s zeggen: laten we dat potje met geld voor het teamuitje besteden aan cheques voor mensen in de regio die minder hebben. Of dat we als collega’s speelgoed verzamelen voor kinderen van wie de ouders afhankelijk zijn van de Voedselbank.

Op welke prestatie ben je het meest trots?

In mijn periode bij Sachem hebben we binnen het programma Platinum Safety Project grote stappen gemaakt op het gebied van procesveiligheid. We hadden geconstateerd dat onze ambitie hoger was dan onze performance, en dat vond ook de overheid, maar we slaagden erin om dat als team zo om te buigen dat we boven de standaard van de overheid uitkwamen. Na twee jaar zeiden de inspecteurs: wauw, dat hebben jullie goed gedaan. Daar ben ik trots op.

Als je iets zou mogen veranderen aan je baan, wat zou dat zijn?

DuPont is best in class op process safety management. Maar, en dan vloek ik misschien in de kerk, je hebt hier nogal een vergadercultuur. Ik kan soms een hele dag vergaderen over heel veel onderwerpen. En als ik vervolgens zaken wil bespreken met mijn team, dan zijn dat óók weer vergaderingen. Zouden we slimmer en minder vergaderen, dan kan ik vaker in de fabriek zijn om me op andere zaken te focussen waar ik al langer aan wil werken. Ik ben realistisch genoeg om te weten dat we morgen niet besluiten om de helft van de vergaderingen eruit te halen. Maar stap voor stap moet het wel lukken.

Wat zou je nóg liever doen dan wat je nu doet?

Vroeger wilde ik mijn eigen frietzaak beginnen. Maar ja, dan stink je aan het eind van de dag naar vet. Dus nee, dat wordt hem niet. Een bed & breakfast in de bergen van Oostenrijk of Italië zou ook wel gaaf zijn, alleen zie ik mezelf niet om zes uur ’s ochtends voor iedereen een ontbijtje maken en de bedden opmaken. Dus ik denk dat ik in de chemie op mijn plek zit.

Ik wil graag plantmanager worden. Bij Sachem heb ik dat samen met een collega een jaar gedaan toen de plantmanager ziek werd. Maar toen die niet meer terugkwam, besloot het bedrijf dat het iemand van buitenaf wilde. Dat vond ik jammer, want ik had in mijn jaar mooie resultaten geboekt.

Bij DuPont zie ik dat die rol voor mij nog te uitdagend is. De huidige plantmanager heeft al meerdere plants gerund. Maar voor later lijkt het me leuk. Chemie is belangrijk voor het beschermen van de aarde. Als ik daar als plantmanager een rol in kan spelen, dan zou dat heel gaaf zijn. En die ontwikkelmogelijkheid is er ook zeker binnen DuPont, want persoonlijke ontwikkeling wordt gestimuleerd. Ik zie vanzelf wel waar het eindigt.


Wie is Roelant naast zijn werk?

Roelant kookt (en eet) graag met anderen, dus hij volgt regelmatig kookworkshops. Ook wandelt hij graag, het liefst in mooie natuur, zoals op vakantie. Hij basketbalde ook veel (“Ik ben op mijn zesde begonnen.”), maar rond zijn dertigste speelden blessures hem parten. Hij coachte nog een tijd een team, iets wat hij tegenwoordig bij de voetbalclub van zijn zoon doet.