Praktische hulp bij complexe BRZO-materie

Nederland heeft ruim vierhonderd bedrijven die onder het Besluit Risico’s Zware ongevallen (BRZO) vallen. Veiligheid staat voorop en daarom moeten ze aan strenge regels voldoen.

Tekst: Adriaan van Hooijdonk

De VNCI ontwikkelde samen met haar leden de handreiking Process Safety Management Aanpak (PSMA). Een praktische en overzichtelijke publicatie met zeven fundamentele bouwstenen voor een procesveiligheidsmanagementsysteem. Deelnemende bedrijven aan het proefproject zijn enthousiast over de verdiepingsslag op procesveiligheidsgebied die zij samen hebben gemaakt.

Nederland heeft ruim vierhonderd bedrijven die onder het Besluit Risico’s Zware ongevallen (BRZO) vallen. De ondernemingen werken dagelijks met grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen, waarbij veiligheid voorop staat. Daarom moeten ze aan strenge regels voldoen. “De BRZO-wetgeving is complexe materie. Grote BRZO-bedrijven hebben hiervoor stafafdelingen met specialisten. Zij vertalen de wetgeving via procedures  en instructies naar wat een bedrijf moet regelen om er in de praktijk aan te voldoen”, zegt Roeland Kiewiet, directeur van ChemCom Industries in Farmsum. “Bij kleine BRZO-bedrijven komen de interpretatie van de wetgeving, de vertaling naar de praktijk én de uitvoering en bewaking van de gekozen werkwijze vaak bij één of twee personen terecht. Dat is een heel belastend traject, dat elk klein BRZO-bedrijf veel tijd kost.”

De VNCI-beleidsgroep MKB – gepassioneerd over het onderwerp procesveiligheid – zette het onderwerp op de agenda. Ook spraken de leden met een aantal betrokken kleine en middelgrote bedrijven uit de achterban. Het bleek dat ze allemaal tegen vergelijkbare uitdagingen aan lopen. “De gesprekken leidden tot de ontwikkeling van de handreiking Process Safety Management Aanpak”, vertelt Frank Groenen, directeur van Sachem Europe en voorzitter van de beleidsgroep. De handreiking biedt een overzicht van zeven fundamentele bouwstenen voor een procesveiligheidsmanagementsysteem, die internationaal binnen de chemische industrie is ontwikkeld (zie kader). “Wij bundelden hiervoor onze gezamenlijke kennis, beschikbaar bij de leden van onze branchevereniging. Procesveiligheidsspecialisten van een aantal grote chemiebedrijven –DSM, BASF, Nouryon en Dow Chemical – vulden de kennis aan. De kleine en middelgrote chemiebedrijven kunnen de handreiking  als een soort checklist voor de vertaalslag naar het eigen veiligheidsbeheerssysteem gebruiken.” Het project is uitgevoerd met behulp van een subsidieregeling van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, de zogeheten Safety Deal.

 

"Het mkb kan de handreiking als een soort checklist voor de vertaalslag naar het eigen beheerssysteem gebruiken."

 

Peer reviews

Een belangrijk onderdeel in het proefproject bij vier mkb-chemiebedrijven – Sachem Europe, ChemCom Industries, Kisuma en KLK Kolb – zijn de peer reviews om de handreiking te testen. De projectleider PSMA, Corine Baarends, voerde ze samen uit met de procesveiligheidsexperts van Dow Chemical, DSM, Nouryon en de programmamanager van een regionaal veiligheidsnetwerk. De onderlinge collegiale toetsing leidde tot nieuwe inzichten bij de deelnemende chemiebedrijven. Zo was het systeem rondom geldende wet- en regelgeving van ChemCom Industries aan een herziening toe. “De interacties tijdens de peer reviews hebben hierbij enorm geholpen”, zegt Kiewiet. “Nu hebben we een beter gestructureerd systeem, waarin duidelijk is wat wet- en regelgeving, wat externe norm en wat interne norm is.”

Groenen heeft intern de procedures, met name rond management of change, nogmaals aangescherpt. “Zo geven we nu heel helder aan wie precies verantwoordelijk is voor de risicobeheersmaatregelen. Rollen, bevoegdheden en verantwoordelijkheden zijn nog duidelijker vastgelegd.”

De peer review bij KLK Kolb in Moerdijk zette sitemanager Louis Du Rieu aan het denken over het alarmmanagement van het chemiebedrijf. “Wij hebben meerdere alarmen die operators waarschuwen wanneer ze actie moeten ondernemen. Met name ten aanzien van de borging van de veiligheidskritische alarmen hebben we nog het een en ander kunnen leren.”

Vervolgproject

De VNCI-beleidsgroep MKB heeft naar aanleiding van de goede resultaten besloten het PSMA-project te vervolgen. Het vervolg is gericht op het organiseren en uitvoeren van meerdere peer reviews bij kleine en middelgrote chemiebedrijven. Ook wil de beleidsgroep een PSMA-netwerk opzetten voor mkb-chemiebedrijven. Doel is om via de peer reviews een (virtueel) netwerk van process safety-medewerkers op te bouwen binnen mkb-chemiebedrijven. Zo kunnen ze de goede praktijken over procesveiligheid met elkaar delen. Dat gebeurt momenteel al in de regionale veiligheidsnetwerken. “De beleidsgroep vindt het belangrijk dat de process safety-experts elkaar ook op een informele manier kunnen vinden”, stelt Groenen. “Ook willen we het landelijk contact tussen de experts versterken.” Verder zal de VNCI als spin-off van dit project de PSMA-handreiking en de opgedane ervaringen met peer reviews delen met de andere branches die samenwerken binnen Veiligheid Voorop.

Kiewiet pleit verder voor een evaluatie over een jaar. “Dan kunnen we bij de mkb-bedrijven checken wat ze aan de handreiking hebben gehad of dat er verbeteringen of uitbreidingen nodig zijn.” Groenen: “Wij willen chemiebedrijven absoluut niet voorschrijven welke bouwstenen ze uit de handreiking gaan toepassen. Dat is echt een keuze van het bedrijf zelf, gebaseerd op de eigen behoeftes. Een belangrijk doel is dat een bedrijf doordrongen is van het belang van een gedragen veiligheidscultuur waarin de BRZO-topmanager een centrale rol heeft en betrokken leiderschap toont.” De verdiepingsslag die de deelnemende bedrijven aan het PSMA-project nu op procesveiligheidsgebied hebben gemaakt, brengt volgens Groenen nog een groot voordeel met zich mee. “Hiermee tonen we aan de omgeving, evenals de toezichthoudende instanties, dat wij procesveiligheid buitengewoon serieus nemen.”
 


Zeven fundamentele bouwstenen
De zeven fundamentele bouwstenen in de handreiking zijn afgeleid van de internationale procesveiligheid-managementaanpak opgesteld door het Center for Chemical Process Safety (CCPS) van het American Institute of Chemical Engineers (AIChE):

  1.  Voldoen aan wet- en regelgeving en standaarden;

  2.  Integriteit en betrouwbaarheid van apparatuur en systemen;

  3.  Omgaan met wijzigingen – Management of Change (MOC);

  4.  Veilig opstarten van procesinstallaties;

  5.  Identificatie en beoordeling risico's zware ongevallen;

  6.  Procedures veilige werkvergunning;

  7.  Leren van procesveiligheidsincidenten en bijna-incidenten.


"Nooit uitgeleerd over procesveiligheid"

De PSMA-handreiking is afgelopen zomer tijdens online masterclasses gepresenteerd aan ruim dertig VNCI-lidbedrijven. Ook werden praktijkervaringen van de deelnemende bedrijven aan het project met elkaar gedeeld. “Er was veel interesse in de aanpak”, blikt sitemanager Louis Du Rieu van KLK Kolb terug. “Ook merkte ik een duidelijke behoefte van de leden om te leren van elkaar. Op het gebied van procesveiligheid is een bedrijf immers nooit uitgeleerd. De tendens is dat de BZRO-wetgeving ‘scherp aan de wind zeilt’.”

Ook zien chemiebedrijven door de analyse van bijna-incidenten waar verbetering op veiligheidsgebied mogelijk is. Een belangrijk thema bij de peer review van KLK Kolb, uitgevoerd door onder andere Bob van Woezik, corporate senior Process Safety Expert bij DSM, was het leren van bijna-incidenten. “Door informatie en leerervaringen te delen over bijna-incidenten tussen bedrijven, kan een groter leereffect worden bereikt binnen de sector. Deze leerervaringen zijn door Van Woezik gedeeld met ons. Hierdoor hoeven chemiebedrijven niet steeds zelf opnieuw het wiel uit te vinden.” Ook Van Woezik blikt enthousiast terug: “We hebben onze bewezen praktijken gedeeld die wij ook toepassen bij onze kleinere locaties. Het was geweldig om te zien hoe de mkb-bedrijven vol enthousiasme de suggesties oppakken, en dat wij op deze wijze bijdragen aan een veiligere industrie”

Frank Groenen van Sachem Europe verwijst naar de Omgevingswet die in januari 2022 van kracht zou moeten worden. “De Omgevingswet vereist transparantie van chemiebedrijven richting belanghebbenden, zoals de omwonenden. Ook over bijna-incidenten en andere relevante veiligheidsonderwerpen. De samenleving vraagt ook steeds meer informatie over wat er op veiligheidsgebied binnen de sector allemaal gebeurt. En de overheid deelt deze informatie actief, bijvoorbeeld via de openbare BRZO-samenvattingen met de inspectieresultaten. Mede daarom willen wij blijven vooroplopen met onze aanpak van procesveiligheid.”